Hoofdstuk II   De Vogezen.


De hele Vogezen in één keer is een net iets te grote afstand voor ons en dus hebben we die in tweeën geknipt:

I. Van Liverdun (boven Nancy) naar Ribeauvillé van 8 juni, 2006 t/m 21 juni, 2006

II. Van Ribeauvillé naar Nommay van 3 september, 2006 t/m 14 september, 2006


De Vogezen is een heel fraai gebied met behoorlijk Alpiene uitdagingen hier en daar. Het is ook een echt wandelgebied met vele fraaie paden in een afwisselend landschap en gelukkig zodanig toeristisch dat er voldoende voorzieningen onderweg zijn om te kamperen en te eten. Ook het openbaar vervoer is niet hopeloos. 

Wij kenden de Vogezen al van meerdere vakanties met het hele gezin in het voorjaar en in het hoogseizoen in de omgeving van Col de la Schlucht en Ballon d'Alsace.
Deze vakanties waren ons zeer goed bevallen en we hadden steeds mooi weer.

Ook nu waren we in beide periodes gelukkig met het weer en dat scheelt veel.

We hebben de Vogezen met veel plezier gelopen en vonden het traject nà de Alpen het fraaiste.

Het boekje van de Vogezen begint bij Col du Donon tot iets voorbij Belfort.

Wij beginnen echter een paar dagen eerder bij Liverdun voor Custines, daar waar deel III van ons boekje “Luxemburg-Lotharingen” begint. Dit boekje beschrijft de GR 5 over 440 km, het is in het zwart/wit en uit 1995. Het is lang niet verkrijgbaar geweest omdat het in herdruk was. Wij hadden het geluk in de uitverkoop van Demmenie te Eindhoven nog een exemplaar te bemachtigen, want anders hadden we zo wie zo niet verder kunnen gaan. 


In de Op Pad hebben we gelezen dat het boekje nu weer bestaat met een gewijzigde route. Het kan dus zijn dat wij hier en daar wat anders gelopen hebben als dat jullie gaan doen. Het boekje Crête des Vosges
vonden wij hier en daar redelijk summier in de beschrijving en we moesten nogal eens puzzelen hoe verder. Gelukkig zijn de kaartjes goed. ( Wij lopen altijd op kaart en op markeringen, we hebben geen GPS.)

Op de route zetten wij regelmatig onze caravan in “garage mort”, d.w.z. dat we de caravan en/of de auto achterlaten op een centraal gelegen camping, bereikbaar met openbaar vervoer, omdat we een week of een dag of tien gaan lopen met rugzak en tent. Voor het parkeren op de camping betaal je dan een heel klein bedrag, omdat je geen gebruik maakt van het sanitair en je spullen kan je zo bewaakt achterlaten. Meestal kost het enkele euro's per dag, voor de dagen dat je er zelf niet bent. In het hoogseizoen zijn campingbazen niet zo happig op dit parkeersysteem, maar in het voor- en naseizoen lukt het altijd. Even duidelijk afspreken voordat je gaat lopen.


De Vogezen


I) Van Liverdun naar Ribeauvillé juni, 2006.


Woensdag, 7 juni, 2006 - Rotheau/ Schirmeck

We pakken de draad weer op en rijden met de caravan naar Rothau in de Vogezen, iets onder Schirmeck.

Het is mooi weer en de weg is iets langer dan gedacht dus komen we pas om 17.00 uur aan op de camping. Het is de eerste camping die buiten op de tarieflijst het fenomeen “garage mort” vermeldt. Wij spreken ook meteen af dat we vanaf de volgende dag een tijdje weg zijn en ons direkt zullen melden als we weer gebruik maken van het bloc sanitair.

Het is 's avonds berekoud met 0 graden. Een iets te dun dekbedje ingepakt voor in de caravan. Gelukkig liggen we nog niet in ons tentje, want op de camping hoor je wel het verkeer dat af en aan door Rothau dendert met grote vrachtwagens.
Wat zielig voor zo'n klein dorpje en haar bewoners. Ook de trein rijdt pal langs de camping en achter de caravan stroomt een riviertje. Het is er niet stil, dus. Maar het ligt gunstig en de plaatsen zijn heel mooi. We hebben vast treinkaartjes gehaald voor morgen en gekeken hoe lang we lopen van de camping naar het station. We perfectioneren onze rugzakken en proberen te slapen.


Donderdag, 8 juni, 2006  Liverdun - voorbij Custines

Om 7.30 uur lopen we van de camping af naar het station. Wat een verrassing. Op het station deelt een Franse spoorwegbeambte verse croissants uit en koffie. Hoe sympathiek. Daarna stappen we in de trein naar Straatsburg. Hij doet er drie kwartier over.Hier kopen we kaartjes voor de trein naar Nancy. We gaan over een uur en drinken nog even koffie op een terrasje in de buurt van het station. Vervolgens gaan we met een superluxe trein met airco naar Nancy. Hadden we in Nederland maar zulke treinen! 

Na een uur zijn we in Nancy. Nu moeten we nog anderhalf uur wachten voor de trein naar Liverdun, die alleen maar 's morgens vroeg, rond de middag en 's avonds gaat. We gaan maar ergens op een zonnig terrasje een cappucino drinken bij een Ierse pub. Het is prachtig weer. Van Nancy naar Liverdun duurt maar een kwartiertje.

Het lopen begint. We zijn het dorp nog niet uit of bij het eerste de beste bospad zit een groep zigeuners met loslopende honden. We hebben bijna een vechtpartij met onze Paddy, maar we kunnen deze voorkomen. Dan komen twee zigeunerkinderen aanrennen om Paddy te aaien. Weer schrik. Hij beet ze nèt niet. Dan komt er een rare engerd uit de bosjes met zijn broek op zijn knieën, wat ziet die man er uit. Wat een zooitje, die zigeuners. Die w
onen daar zonder sanitaire voorzieningen en die kinderen gaan ook niet naar school. In Nederland zou dat zo niet kunnen.

Daarna lopen we rustig verder over vele kaarsrechte paden door het bos. Bij Custines steken we de rijksweg over en een water, het spoor, de Moezel en uiteindelijk de snelweg via een viaduct. Bij een kroegje drinken we een colaatje en vullen we onze flessen met water. Bij de bakker kopen we twee croissants en een pizza-tje. Zo, en dan nu op zoek naar een wild kampeerplekje.

Het is pas 16.00 uur. We moeten een heuvel op en krijgen dan een groot breed pad door het bos. Bos, bos, bos. Er komt geen eind aan. Om 18.00 uur rusten we even op een boomstam en Paddy ligt te slapen aan onze voeten.

Komt er ineens een vent aan met twee honden. Een jachthond en een Deense dog. Ze komen recht op Paddy af en beginnen te vechten. Paddy wordt flink gebeten. Wat een consternatie. De vent loopt gauw door. Wij zijn te voet met een grote rugzak en kunnen niets. Bovendien zijn we moe. Paddy heeft een behoorlijk gat in zijn flank. We lopen nog drie kwartier verder. Eindelijk vinden we een geschikt stekje van het pad af via een klein paadje 2 x rechts in een open stukje met gras. Arme Paddy. We kunnen niet naar een dierenarts.


Vrijdag, 9 juni, 2006 voorbij Custines - voorbij Grémecy

Dankzij mijn nieuwe Exped luchtmatras heb ik heerlijk geslapen. Op dat dunne Thermarest matje deed ik nooit een oog dicht. We wassen ons primitief met vochtige doekjes van het Kruidvat. Paddy heeft een flink gat opzij, maar likt het schoon. Hij lijkt redelijk fit. 

Om 8.45 uur gaan we weer op weg. We hebben vele saaie wegen door bossen en velden.We lopen door uitgestorven dorpjes, waar niets te koop is. Bij de Mairie van Amance kunnen we onze flessen met water vullen. We rusten even in Amance op een bankje bij de kerk en genieten van een fraai uitzicht. We hebben mooi weer en een windje, lekker.

We moeten veel kilometers vreten. De wegen zijn niet echt interessant. Dit is duidelijk zo'n verbindingsgebied van de heuvels bij Metz en Nancy naar de Vogezen toe. We picknicken bij een meertje met een picknickbank en een kikkerkoortje. Etang de Brin.

In Brin sur Seille drinken we limonade. We wachten drie kwartier tot het winkeltje naast de bar open zou gaan. Maar het blijft dicht. Hij blijkt gesloten te zijn van 12.00 uur tot 16.00 uur.
Dat duurt te lang. Dan maar flessen vullen bij de bar en straks noodvoer eten. Er zit niets anders op. We hebben loeisaaie asfaltwegen te midden van graanvelden.
Na Grémecy – 2 x hoesten en je bent er door – vinden we een fijn stekje naast de GR 5 in het veld. Even later komen 14 koeien kijken bij het hek. Er is maar één pikdraadje tussen hun en onze tent. Even later volgen nog 50 witte dikbillen. En maar snuiven. Ze verdringen elkaar om maar naar ons te kunnen kijken. Als ze maar achter dat ene pikdraadje blijven, anders worden we platgetrapt...
Na een poosje taaien ze af. We zijn zeker niet interessant genoeg. Het is een mooie avond en we zitten een beetje met een lege maag.


Zaterdag, 10 juni, 2006 - voorbij Grémecy - Vic sur Seille

Het is prachtig weer en om 7.30 uur lopen we weer. We hebben nu een mooie route door de bossen en velden. Gelukkig is het allemaal zandpad. Ik heb zo'n hekel aan asfalt. Soms hebben we een vet modderpad en ik ben blij dat we sinds Luxemburg met stokken zijn gaan lopen, want anders zijn sommige paden niet te doen. Helaas is er in Salonnes geen café meer.

We maken koffie op het gras bij de dorpspomp met bronwater. Na een heel mooi hellingbos komen we om 11.30 uur al aan in Vic-sur-Seille. Eerst nemen we een biertje op een terrasje. Het sist er in. Het is ook zo warm. Dan doen we boodschappen bij de bakker en daarna in een klein winkeltje van sinkeltje bij een mooie Marokkaanse uit Quarzazate. Ja, dat kennen wij, vlak bij de kashba van Ait Bin Hadduh, waar vele films zijn opgenomen.

We hebben weer iets te eten vanavond. Dan moeten wij nog anderhalve kilometer doorlopen aan de andere kant van het dorp naar de camping aan de RD 38 aan een meertje. Hoera, eindelijk weer een camping met warm water, een fijne douche en de rust. Het is camping La Tuilerie ***

Wat een luxe, een halve dag rust. Het is 26 graden en we liggen lekker in de zon. Op deze camping zitten Koos en Moniek uit Groningen. Wij leren ze echter pas kennen in de Savoie. 

Morgen wordt het nog warmer. Op de camping komen tegen de avond twee broers aan. Ze doen samen de GR 5, één week per jaar. Meer, vinden de vrouwen niet goed. Eén van de broers heeft een grote tas op zijn buik hangen – de zak met lekkers – Zonder die zak met lekkers ging hij niet lopen. (Volgens ons had hij net een ernstige ziekte overwonnen???) De kramsvogel is ook op deze camping.
.

Zondag, 11 juni, 2006 - Vic sur Seille - Etang du Villers

Om 5.30 uur hebben we een fraaie zonsopkomst. Een grote rode bal in de vallei met een wollige mistdeken boven de grond. Om 7.30 uur zijn we weer op pad. Het wordt heet vandaag. De weg is weer waardeloos. Voor 95% asfalt tussen de velden, zelfs asfalt op een bospad. Bij Assenoncourt rusten we wat op een picknickbank van een kunstatelier. We drinken er water, kletsen een half uurtje en vullen al onze flessen met water. Daarna lopen we door naar het bos en zoeken een wildkampeerplaatsje bij Etang de Villers. Koos stampt eerst rond, om te kijken of er geen mierennesten zijn of slangen. Dan gaan we eten en tegen de schemer zetten we  de tent op.

Ik vind het wel een beetje eng. We staan pal langs het pad en verderop staan twee schiethutten. Als ze vanavond nu maar niet gaan jagen op wilde zwijnen, want dan staan we verkeerd. Ook hoop ik dat we morgen vroeg niet ontdekt worden door vroege vissers. We hebben een prachtig kikkerkoortje in de avond.


Maandag, 12 juni, 2006 - Etang du Villers - Gondrexange

Ik heb slecht geslapen, want ik lag niet rustig. Gelukkig is er niemand langs gekomen en de jagers zijn ook niet geweest.

We hebben weer prachtig weer en om 7.45 uur lopen we weer. We hebben een kruipdoor, sluipdoor pad door het bos, waar het pad bijna geheel overgroeid is. We lopen flink vandaag. In Fribourg vullen we bij twee oude opaatjes onze watervoorraad bij, want anders konden we niet verder. Er zijn geen bevoorradingsdorpjes. Alles is uitgestorven hier.
We passeren alleen bossen en vijvers vol met waterlelies. Het lijkt de omgeving van Oisterwijk wel.

Verder veel modder en muggen. We worden stilaan opgevreten. Daarna lopen we heel lang langs het Marne-Rijnkanaal. Het is heet vandaag, 30 graden. Mooi weer is leuk, maar zó heet hoeft voor ons eigenlijk ook niet. Om half twee zijn we al op de camping Les Mouettes in Gondrexange. Lekker douchen, bijkomen en uitrusten op het gras in de zon. In het kleine winkeltje kopen we een ijsje en allemaal lekkere dingen. We verrekken van de honger. Rijstcrackers en cup-a-soup vullen de maag niet echt. De twee broers met hun zak lekkers komen er ook kamperen.


Dinsdag, 13 juni, 2006 - Gondrexange - Abreschviller

Het wordt weer heet vandaag. Om 7.30 uur lopen we de camping af. Het wordt 33 graden.  We hebben weer voor driekwart van de route asfalt. Van Gondrexange tot St. Quirin asfalt. Balen. Het komt me de strot uit. Om 10.30 uur is het echt al zinderend heet. De loopstokken blijven in het asfalt staan en je moet ze er echt uittrekken.

St. Quirin is een heel erg fraai en pittoresk dorp met een kerk met twee grote baroktorens en een echt Silbermann orgel uit 1746!
In Hostellerie La Prieurité hebben we van 12.00 uur tot 13.30 uur heerlijk gegeten. Salade met tonijn, rundvlees met groente en frietjes en aardbeien met ijs toe. Daarna nemen we nog een grand café. Zo, nu kunnen we er wel weer even tegen.
We gaan nu een heel mooi gebied in. De Vogezen zijn nu echt begonnen. Steile bospaden, omhoog en omlaag, die sterk doen denken aan Luxemburg. In Abreschviller vallen we zó op de camping Du Moulin, aan de route vanuit de hoogte. Morgen wordt het nòg warmer met onweer, dus we moeten nòg vroeger gaan lopen.

Op de camping zit een Nederlandse meneer bij de caravan. Zijn vrouw loopt ook de GR 5 met een klein rugzakje in haar eentje. Hij doet de boodschappen, kookt, brengt haar op de route, haalt haar weer op en brengt overdag de caravan naar de volgende camping. Ze heet Lottie en is fysiotherapeute ergens in de Achterhoek. De twee broers – met de zak met lekkers -komen ook op deze camping slapen.


DE VOGEZEN VOLGENS HET BOEKJE 


Woensdag, 14 juni, 2006 - Abreschviller - Col de Donon

We staan in het donker op en we gaan al lopen om 6.15 uur. Het wordt een zware kluif en het is al heet. De route is prachtig. Kleine paadjes door het bos. Veel klimwerk. Door de hitte verdampen we veel en drinken daarom ook veel. Ik moet veel rusten. Het gaat niet gemakkelijk vandaag. Halfweg komt Lottie ons voorbij lopen. Een klein rugzakje is nu echt in het voordeel met zo'n weer. Ik kom haast niet vooruit, lijkt het.

Bij Col d'Engin lopen we vol in de zon. Het is om af te pijgeren. Volgens het boekje was hier een bron. Dat zou fijn zijn, want we hebben geen water meer. Onze arme Paddy heeft ook zo'n dorst. We kunnen nergens water vinden. Dan eerst maar eten. Het is al over enen en we zijn moe. Van dit weer wordt je heel erg moe. We blijven ruim een uur zitten.

Dan kunnen we het pad niet vinden. Het is hier echt spoorzoeken. We lopen een half uur verkeerd. Dan maar weer terug. We komen wederom op een plek waar water zou moeten zijn. Geen drup. Dan in godsnaam maar de Col du Donon op zonder water. 
Ik ben helemaal af. We krijgen nu een zeer steil klimmend paadje tussen de rotsen. De twee broers passeren ons. In 1 km moeten we 200 m stijgen. Ik vecht me omhoog. Je moet soms stappen maken van 50 cm hoog. Bijna niet te doen met zo'n grote rugzak op. Hoe Paddy omhoog komt is een wonder. Wat een bijzondere bordercollie hebben we toch.

Het gaat heel goed met zijn wond. Hij is dicht en hij heeft gelukkig geen infectie gehad. Ondertussen vecht ik me omhoog in de volle zon. Ik sterf zachtjes. Na "uren" kom ik boven, helemaal op.
Op de top van Col du Donon (1008 m) staat een would-be oud “Keltisch” tempeltje. Koos zit er al te praten met de twee broers. Het uitzicht is zeer heiig. Onweer in de lucht.
We pauzeren uitgebreid en ik kom weer bij. Maar we blijven erg dorstig. Dan gaan we naar beneden, op naar het hotel du Donon. Dat blijkt nog best ver te zijn. We moeten flink dalen met grote stappen naar beneden.

Wat een rotcol, die Donon. Er komen twee honden aan die met Paddy willen vechten. De arme ziel. Hij loopt zo braaf mee, heeft ook dorst en is moe. Hij heeft helemaal geen zin in die honden. Koos maakt ruzie met de eigenaar van de honden en we lopen verder. Eindelijk komt het hotel in zicht. Het is heel leuk. Een mengeling van Frans-Duitse stijl.

Hij heeft ** en is van Logis de France. We ploffen neer op het terras en ze halen als eerste een bak water voor ons Padje. Daarna vier pils voor ons. Ze sissen naar binnen. De twee broers komen ook aan hompelen. Snakken ook naar een koud pilsje. Proost.

We krijgen een hele leuke kamer en we duiken direkt onder de douche. Je kon ons uitwringen. Daarna krijgen we een heerlijk goed verzorgd diner op het terras buiten aan de achterkant van het hotel. Uiteraard met een Elzasser wijntje en een flesje Carola, heerlijk Elzasser Spa-water. Naderhand slapen we als ossen in een fijn bed.

Onze Paddy ligt op het matje naast het bed. De Fransen zijn heel hondvriendelijk in hotels en restaurants. Voor het slapen betalen we slechts 62,- euro per nacht voor twee personen + hond.

( wij zijn later op de GR 53 hier nog eens teruggeweest en aten toen verrukkelijk wild zwijn). 



Donderdag 15 juni, 2006 - Col de Donon - Schirmeck

Om 9.00 uur verlaten we weer monter het hotel na een goed ontbijt. We hebben een prachtige route met volop waterstroompjes voor onze Paddy. Rond 11.00 uur staan we op het station van Schirmeck.
Onze trein gaat pas over twee uur – voor 3 minuten treinen naar  Rothau. Dan maar even het dorp in en bij de Match supermarkt een lekkere lunch kopen, ook voor ons Paddy. Als we in Rothau op de camping aankomen, komen ze van diverse kanten aangelopen.

Zoveel gelopen? Wat knap. Er staat een Nederlands echtpaar, dat elke dag met auto en fietsen naar de GR 5 route rijdt, de fietsen aan het eindpunt zet, terugrijdt naar het beginpunt, en vervolgens een stukje van de route lopen. Hoe willen die dat gaan doen in de Alpen? Leer toch gewoon met die zak op te lopen,dat is veel eenvoudiger.

's Middags sta ik al onze kleding te wassen. Niks rook meer fris. Er zijn mensen, die lopen de hele GR 5 in één keer. Heel knap, heel vermoeiend. Maar ik wil niet drie maanden met 3 T-shirts en 1 pyama doen. Af en toe frisse spullen aan en eens een dagje uitrusten, of sightseeën heeft ook zijn bekoring. Verder herpakken we de rugzakken voor de volgende etappe.


Vrijdag, 16 juni, 2006 - Schirmeck - Le Hohwald

Om 8.00 uur zitten we in de trein naar Schirmeck. Drie minuten later lopen we weer. Het beginpad is afgesloten en we kunnen de route niet vinden. Na veel gezoek en via een omleiding komen we uiteindelijk op de juiste route. We lopen langs het concentratiekamp Struthof. Nooit van gehoord. Hier zijn 30.000 mensen omgekomen, daar wordt je niet vrolijk van. We lopen helemaal boven langs de rand van het werkkamp. De mensen die hier moesten werken in de zilvermijnen kregen geen salaris en nauwelijks te eten. Als ze dood omvielen, kwam de volgende werkploeg. Je kunt je zoiets niet voorstellen.

Wat we ons ook nauwelijks kunnen voorstellen is het feit dat de hele parkeerplaats vol Duitse bussen staat met Duitse zestigplussers die hier komen kijken als uitstapje.... Je wordt hier niet goed van. Struthof maakt diepe indruk op ons en het blijft nog lang in onze hoofden hangen als we lopen.

De route is overigens weer heel erg mooi, maar zwaar. 750 m omhoog, 500 m omlaag en zo 25 km lang. Om 13.00 uur zijn we op 1000 m, daarna zakken we weer 200 m en dan stijgen we weer tot 1075 m.

We komen door prachtige beukebossen met steile hellingen en kleine paadjes. 


beukenbos

Op cruciale punten is de route slecht aangegeven en dan wordt het weer spoorzoeken. Dat kost veel tijd en energie. Weer een half uur verkeerd gelopen. Balen. Uiteindelijk komen we om 17.30 uur aan op camping “Le Hohwald”, midden in het bos.

Ik ben wederom compleet kapot. De afstanden zijn me iets te groot en dus te zwaar met het warme weer en de grote rugzak. Helaas liggen de campings nogal ver uit elkaar, dus het is niet anders.


Zaterdag 17 juni, 2006 - Le Hohwald - Barr

Ik heb slecht geslapen. De hele nacht heeft een hond het wild lopen opjagen in het bos. Om 7.45 uur zijn we op pad. Wederom hebben we een zeer fraaie route. Eerst gaan we door Le Hohwald, het is een zeer Duits aandoend kitscherig toeristisch plaatsje. Daarna gaan we via smalle bospaadjes redelijk omhoog. Vlak voor Mont St. Odile komen we een clubje Zweden tegen op de fiets. Even gezellig staan babbelen. De Mont St. Odile is een mooi klooster met een gouwe en een blauwe mosaïk kapel. Enige jaren geleden is hier bij Maennelstein op de heuvel een vliegtuig neergestort in dichte mist. 200 doden, weet ik nog wel van het nieuws.

Nu stikt het van de bussen vol bejaarden, die een groepsuitstapje doen. Je zou hier een fraai uitzicht kunnen hebben, als het er niet zo heiig was. Daarna lopen we door een mooi bos alsmaar naar beneden naar Barr. Het is best wel aangenaam in de bossen met die hitte. Net vóór Barr lopen we tussen de wijnvelden. Hier is het zinderend heet. We zijn om 15.15 uur al bij het station. Dat is boffen. We kunnen met de trein van 15.46 uur naar Schirmeck. Om 17.10 uur zijn we weer in Rothau. Geen slechte verbindingen hier. Ze hebben hier zelfs supertreinen in de vorm van een riante, wat verlengde bus. Ik zou willen dat ze zoiets ook in Nederland hadden.
We zijn moe. We liggen al vóór 22.00 uur in bed.


Zondag, 18 juni, 2006. Rustdag

We hebben een rustdag vandaag. 's Morgens een meegebrachte, oude krant lezen en daarna rijden we naar Le Hohwald met de auto.
Het enige probleem van de Vogezen is het feit dat je nergens op zondag boodschappen kunt doen. Heel on-Frans, maar het komt door de grote invloed van Duitsland en het is zelfs bij wet zo geregeld. We wisten van het lopen dat Le Hohwald een terrasje had bij de bakker, met een klein winkeltje, die wèl op zondag open is. We kopen melk, yoghurt, bier en wijn. Ook eten we een ijsje op het terras en nemen een grand café. 's Middags verkassen we de caravan naar Ribeauvillé. Het is een supercamping, zeer verzorgd en schoon, een municipal “Pierre de Coubertin”, langs de Rue de Landau. Hij ligt aan de oostkant van het stadje, ongeveer twee en een halve km van de GR 5.

Ribeauvillé vinden wij het leukste stadje van de Elzas.

Eerst de boel installeren en dan per auto Ribeauvillé Gare zoeken, het stationnetje ligt ongeveer 4 km ten oosten van het stadje in de velden. Bij een mevrouw die daar in de buurt woont, regelen we dat we daar de auto ongeveer drie dagen binnen de poort mogen parkeren. Dat is veiliger dan de auto in the middle of nowhere achterlaten bij dat stationsgebouwtje, waar maar een enkele keer per dag een trein stopt.
Het is verzengend heet. We hebben de moed niet om te gaan lopen naar het dorp, maar we gaan heel lui met de auto. We gaan gezellig eten bij een restaurantje met een binnenplaatsje aan de achterkant. Tja, boodschappen konden we niet echt doen vandaag. Alles dicht. Ik griezel van de andere gasten die de specialiteit van de streek bestellen: stamppot zuurkool met spek, worst en varkenspoot. En dat met 35 graden!! Gelukkig hebben ze ook andere dingen op de menukaart. Een heerlijke Elzasser Pinot Gris erbij en een flesje Carola water. We genieten van de zwoele avond.


Maandag, 19 juni, 2006 - Barr - St. Pierre Bois (van de route af)

Het is vandaag bewolkt, maar de temperatuur is goed. We staan weer klerevroeg op om met de trein van 7.10 uur (de enige) uit Ribeauvillé-Gare te vertrekken. Na 5 minuten moeten we overstappen in Sélestat en vervolgens treinen we naar Barr. De treinen kloppen allemaal perfekt. Zodra we uitstappen in Barr, begint het te onweren (7.45 uur!!). Het onweer is ook vroeg opgestaan vandaag. We schuilen ergens onder een groot afdak. Na een half uurtje wordt het weer droog en zoeken we de route. Zodra we hem gevonden hebben lopen we via de route weer terug tot halfweg Barr en gaan dus uiteindelijk met een uur vertraging op pad. 


Barr is een fraai Elzasser plaatsje met veel vakwerkhuizen. Het is na de onweersbui iets afgekoeld, maar de zon komt alweer terug. We lopen door de wijnvelden en om 10.00 uur drinken we koffie in Andlau. Wat een luxe, zo op de route. 
We hoeven er niet eens voor om te lopen. Ook Anlau is een fraai plaatsje. Daarna duiken we het bos weer in. We moeten 700 m stijgen en lopen naar de Ungersberg. Bovenop horen we weer onweersdreunen. Dan maar weer zo vlot mogelijk afdalen.Het valt niet mee, het is een steil pad. We hebben geluk met het onweer, het gaat ergens anders naar toe.

Om 16.00 uur verlaten we de route voor een boerecamping in St.Pierre Bois. Het is 4 km lopen over het asfalt. (Dit zouden we geen tweede keer meer doen, maar gewoon ergens wild gaan staan). De boer heeft geen warme douche. Balen. Daar lopen we nu zo'n eind voor om!!! Hij verkoopt wèl melk en yoghurt. Het is weer stikheet en benauwd. Om 17.30 uur zetten we de tent op bij de boer en we gaan vlug eten koken. Bij de koffie...pats, weer een onweersbui met flink wat regen.Tot 20.00 uur verplicht in de tent en dan is het weer schitterend weer. Kunnen we nog even een rondje lopen met de hond.


Dinsdag, 20 juni, 2006 - St. Pierre Bois - bij Haut Königsbourg

Om 8.00 uur lopen we de 4 km weer retour over het asfalt en pakken we de route weer op. Het is vanmorgen iets minder warm en de zon is er niet de hele tijd. Er vliegen wel veel kwaaie beesten in het bos. Het barst van de horzels.

We hebben zowiezo weer heel veel bos vandaag. Veel mooie paden, vaak afgewisseld met bospaden voor houtafvoer. We zijn al om 12.00 uur in Châtenois. Dit is een heel aardig Elzasser stadje. Ze hebben daar ook een heel leuk restaurantje met een binnenplaatsje, midden in het stadje aan je linkerhand. We nemen allebei het dagmenue met kaassoufflé, biefstuk met echt lekkere frietjes, sla, en ijs toe. Daarbij een fles Carola groen en uitgeperst citroensap. Heerlijk. We hadden echt honger en we smullen ervan. De heer bedient, de vrouw staat in de keuken. De prijs is 10,- per persoon. Ongelooflijk. Ik raad het jullie zeer aan: “Aux quatre Saisons” 71, Rue du Maréchal Foch met Elzasser en Portugese specialiteiten.We blijven tot 14.00 uur zitten. We zitten zo gezellig. Daarna vullen we onze flessen met water en lopen we weer verder in de heuvels en de bossen. Langzaam en op het gemak. Tussen 17.00 uur en 19.00 uur zitten we op een bankje aan de bosrand voorbij een apepark en eten onze avondhap. De politie rijdt rond en kijkt argwanend of we gaan kamperen.

Nee, dat doen we niet aan de weg, we kijken wel link uit. We zitten wel aan de voet van de Haut Königsbourg, maar we vinden een wildkampeerplaatsje op een doodlopend bospad, waar niemand ons kan zien. We worden wel opgevreten door de muggen, maar dat hoort er bij. Ik krijg weer een onrustige nacht, maar dat heb ik eigenlijk altijd met wildkamperen. Bang dat er een mountainbiker langs komt, of een verdwaalde wandelaar of zo en dat je dan ontdekt wordt. Bang voor wilde zwijnen en zo met ons Padje in de tent. Ik houd niet van al die beesten in het pikdonker 's nachts.


Woensdag 21 juni, 2006 - Haut Königsbourg - Ribeauvillé

Hoera, het wordt licht om 5.30 uur, de nacht is voorbij en het is rustig gebleven.
Het is niet zonnig, maar verder hebben we niet te klagen. Om 7.15 uur lopen we weer. Het is flink klimmen naar Haut Königsbourg. Het is rond de 22 graden, maar met een luchtvochtigheid van 99% valt het niet mee. We zweten behoorlijk en ruiken onszelf. Verdorie we lopen achter een hotel-restaurant langs bij Haut Königsbourg! Hadden we dàt geweten, dan hadden we natuurlijk liever hier gelegen voor 43,- euro per nacht. Waarom staat dit nu niet met naam en toenaam in het boekje?? U bent gewaarschuwd: hier slapen ligt vast veel rustiger.
2016. Helaas het hotel blijkt niet meer te bestaan. Andere oplossing zoeken dus. 

Wat een groot ding is dat, Haut Königsbourg. Dat moeten we naderhand maar eens gaan bezichtigen met de auto en Paddy in de caravan een paar uur achterlaten.

We lopen nu op fraaie paden in het bos, nu weer afdalend tot Tannenkirch. Hier drinken we koffie op een terras.

De zon is er weer. Het blijft benauwd en klef. Weer onweersdreiging. Na Tannenkirch gaan we weer klimmen door het bos. Dan krijgen we een lange weg vals plat. Daarna lopen we langs drie ruïnes bij Ribeauvillé, gevolgd door een zeer steile en moeilijke afdaling naar het stadje. We komen er om 12.15 uur aan en alle winkels zijn dicht tot 15.00 uur.

We gaan een broodjeszaak, annex bakker binnen. We nemen tarte flambé aux chèvre. Lekker, het is een soort pizza, maar dan veel lichter, met geitenkaas.
Daarna lopen we door naar de camping waar we om 14.00 uur arriveren.

We zijn doodop, vermagerd en uitgelopen voor deze keer. De hitte heeft ons zeker gesloopt. We nemen een frisse douche en gaan onze auto halen bij het stationnetje bijna een uur lopen verderop. Daarna doen we boodschappen en kopen weer vlees, verse groenten, vers fruit, melk en yoghurt. En natuurlijk een lekkere Pinot Gris en ook nog een paar voor thuis.

We bellen Claude en Christine bij Besançon of we vrijdag langs kunnen komen.
We kopen ook voor hun een kadootje. (3 Pinot Gris in een doosje - heel erg lekker, maar ook goed prijzig).

In Ribeauvillé zitten twee nesten met ooievaars op de daken met jongen. Het echtpaar ooievaar loopt ook over de camping op zoek naar stukjes barbecue vlees. Ze zijn totaal niet bang voor de hond en Paddy reageert ook niet op ze. Hij slaapt.

En wat staat daar op de camping bij het bloc sanitair? De Kip Compact van Lottie en haar man. Da's sterk. Dan 's avonds maar even bijbabbelen onder het genot van een wijntje.


Donderdag, 21 juni, 2006. Toeristische dag

We hangen de toerist uit. Haut Königsburg is geweldig. De Duitsers hebben het voor de oorlog voor veel geld weer gerestaureerd en opgeknapt. Na de oorlog is het Frans bezit en die heffen nu entree – van de Duitsers – die het komen bezichtigen. Dubbel genaaid, noemen we dat. Fraaie situatie, we kunnen er wel om lachen. Als je de gelegenheid hebt, moet je dit beslist gaan zien.


Deel II


Van Ribeauvillé tot aan Nommay – van 3 september t/m 14 september, 2006.

Ribeauvillé – Thann 3 september, 2006 tot/met 8 september, 2006

Thann – Evrette Salbert 11 september, 2006 tot/met 13 september 2006

Evrette S. – Nommay dagtocht 14 september, 2006.


Zondag, 3 september, 2006 - Ribeauvillé - Aubure

Gisteren hebben we de caravan gezet in Cernay bij Vieux Thann. Het is toch 600 km van huis, de afstanden worden steeds groter.

Vanmorgen zijn we met de trein van 10.30 uur via Mulhouse naar Ribeauvillé gereisd. Dat was de enige mogelijkheid vandaag. We hebben maar 5 minuten overstaptijd in Colmar, maar dat gaat goed gelukkig. Eerst moeten we ruim een uur lopen vanaf het station van Ribeauvillé naar het stadje Ribeauvillé, terug op de route waren we gebleven waren op 21 juni.

Er is  groot feest in het dorp. Een soort rattenvanger van Hamelen feest met muziekkapellen met veel piccolo's, een Middeleeuwse optocht en veel mensen. 

Overal staan lange, gedekte tafels met etende mensen. Alle terrassen zitten vol. Een soort Brabantse dag dus, maar dan in de Elzas. Hartstikke leuk, moeten we misschien een ander jaar eens meemaken,maar wij hadden nu gepland om de GR 5 te gaan lopen. Dus tant pis – pech gehad. 

Pfifferdaj is op de eerste zondag van september

Voor ons dus geen koffiedrinken hier. We kunnen met die grote rugzak nergens heen. Jammer, want het is hier best gezellig. Het valt niet mee om tegen de stroom in en langs de optocht dwars over naar onze route te lopen. Iedereen houdt ons tegen en we moeten ergens buiten het dorp om lopen. Maar dat willen we niet, dan kunnen we onze route nooit vinden. Dus toch maar stoicijns doorlopen. Gelukkig maar, want aan het eind van het dorp gaat de route meteen met een smal paadje omhoog.
We hebben vandaag weer een prachtige route door het bos. Soms is er een uitzichtspunt en verder veel geklim. We zijn nog niet helemaal in vorm. Het gaat nogal moeizaam.

Om 18.30 uur komen we aan op de camping van Aubure, een kleine, charmante boscamping “Les Acacias”. Een vriendelijke vent in de receptie geeft alle randonneurs – GR 5 lopers – 5% korting. Wij zetten onze tent op vlak bij een abri = een afdak, wat niet onverstandig is met al die zwarte regenluchten om ons heen.
Er zit echter zoveel vaart in dat er nauwelijks iets uit valt. Verder hadden we de hele dag zon en wolken, steeds droog en een aangename temperatuur. Maar vanavond lijkt het ineens herfst met storm.


Maandag, 4 september, 2006 - Aubure - Bonhomme

Ik heb vannacht slecht geslapen. Het ging flink te keer met de storm en af en toe regen. Vanochtend kunnen we toch droog ontbijten buiten. Het is wel flink kouder en er staat meer wind. Gelukkig blijft het de hele dag droog.

We lopen de hele dag in de bossen tot aan Bonhomme. Hier zoeken we ons wezenloos naar de route en de camping rural –de boerencamping. Uiteindelijk hebben we het pad gevonden. Keisteil recht omhoog. De bordjes en markeringen waren verdwenen vanwege wegwerkzaamheden. We zitten ondanks de inktzwarte luchten nog steeds buiten. Wel met een trui aan en een windstopper. Op maandag zijn de winkels dicht in Bonhomme. Dat is pech. Camping Les Myrtilles ligt tegen een steile helling met even klimmen naar het bloc sanitair waar van alles twee is.
Wij zijn de enige klant. We eten noodrantsoen.


Dinsdag, 5 september, 2006 - Bonhomme - Col de la Schlucht

Verdorie, al weer slecht geslapen. De hele nacht dendert er zwaar verkeer door het dorp beneden ons. Bonhomme is ook twee kerkklokken rijk die elk kwartier 3 x luiden. Om gek van te worden. Koos tukkert gewoon door alle klokken heen. Hij wel.
De boerecamping is niet duur voor 8 euro en hij is heel schoon. Gelukkig hebben we vanmorgen stralend weer en een staalblauwe lucht, ondanks de storm van vannacht.
We hebben een prachtig pad vandaag. Veel steile klimmen,afgewisseld  met bos en hoogveen met heide. Ook vele fraaie vergezichten. Soms moeilijke paden met veel hotsknots keien en grote stappen. Je moet voortdurend opletten, om je enkels niet te verstuiken. Achteraf gezien hadden we bij punt 82 in het boekje beter de GR 532 kunnen nemen, gemarkeerd met een geel blokje, want we denken dat die veel mooier is en je komt toch weer op hetzelfde punt uit. Dan loop je mooi bovenover tot punt 83. Dan sta je op Col du Calvaire du Lac Blanc 1144 m).
Hier kan je in de refuge du Blancrupt een prima salade eten. We nemen ook nog een ijscoupe. We zitten op een heerlijk terras in het zonnetje. Het is goed weer vandaag. Af en toe wat wolkenvelden, maar ook veel zon.

Het pad is lang vandaag. Steeds maar heuvel op en heuvel af. We komen om 18.30 uur kapot aan op Col de la Schlucht. We hebben ruim 10 uur gelopen en ik heb het wel gehad. Ook ons Padje is helemaal af. Ze hebben op Col de la Schlucht twee hotelletjes, maar de ene is vol, dus blijft de andere over. Het is hotel Tetras. Niet duur, wel oud. We hebben een matig diner, maar de tarte aux myrtilles –
bosbessenvlaai, maakt veel goed, want die is verrukkelijk. Het hotelletje is een beetje verlopen. De douche functioneert niet. Het licht op de gang ook niet.
Maar geen nood, we hebben tenslotte een hoofdlamp bij en verder op de gang ontdekt Koos een badkamer, waar de douche het wel doet. Er zit geen gordijn voor het raam. Nou jammer dan. Plotseling is er een dikke mist op de Col. We liggen fijn binnen in een lekker bed in dit geval.


Woensdag, 6 september, 2006  - Col de la Schlucht - Mittlach

We hebben prachtig weer. We lopen pas om 9.15 uur. Eerder kon niet i.v.m. het ontbijt en het afrekenen. Ze hadden geen personeel, of ze waren op vakantie, in ieder geval werkte het niet zoals het zou moeten.

We hebben een schitterende tocht. Eerst moeten we klimmen naar Le Honeck.
Daar drinken we op het gemak koffie in de refuge les Trois Fours, omdat er buiten een koude wind staat. We zitten nu op 1363 m met een wijds uitzicht. Daarna wordt het weer spoorzoeken naar de route. Vervolgens dalen we zeer steil af naar Lac du Schiessrothried en het Lac du Fischboedle.

Dit is veruit het mooiste stuk van de Vogezen. Wij hebben hier vroeger met de kinderen in dagtochten gelopen. Voor ons een feest van herkenning en zo mooi. Wat is het hier toch prachtig. We gaan hier op een boomstam zitten en picknicken.

Daarna dalen we helemaal af naar Mittlach. Een prachtig stuk, maar moeilijk. Steile paden, gladde boomwortels en glad door de waterstroompjes. Ook veel puinhellingen met ongelijke keien. Het valt niet mee met die grote rugzak op. Het gewicht van de rugzak duwt goed door op de knieën. Je breekt je nek op die paden, maar het is zo mooi.

Overal zijn kleine waterstroompjes tussen de rotsen en hier heb je zeer fraaie bossen. In Mittlach is "alles" dicht tot 16.00 uur, dat is dus de kroeg en een minuscule Coop supermarkt. We lopen 3 km verder over het asfalt – vals plat omhoog – bij 30 graden voor camping municipal “Langenwasen”. We zetten onze tent op op een heerlijk stekje.

Nu nog boodschappen doen anders valt er niets te eten vanavond. Ik vraag een Franse mevrouw of ze nog boodschappen moet doen en of ik dan even mee mag rijden. Ze is zo aardig om mij even naar de winkel te rijden om 17.00 uur. Nu kan ik van alles kopen: hondevoer, melk, yoghurt, fruit, groente , vlees en brood. Geweldig. Ook nog een Pinot Gris, onze Elzasser favoriet (= wijn) en zo kunnen we er wel weer tegen. Wat is het leven weer mooi.


Donderdag, 7 september, 2006 Mittlach - Grand Ballon

Alles is zeiknat vanmorgen. Wat een vocht hier in het dal. Alles zit onder de dauw. Om half negen is alles ingepakt en gaan we weer op pad. We moeten via een geel kruis weer naar het rode blokje. We moeten rechtstandig door het bos naar boven. Ongeveer 600 m stijgen over 3 km. Er zitten echt steile stukken tussen. Het wordt meer klimmen dan wandelen, maar het is hier wel erg mooi. We klauteren langs een waterval omhoog. Is dit wel het goeie pad?? Soms raak ik bijna mijn evenwicht kwijt met die zak op en achterover klappen geeft nare gevolgen. Hier en daar zijn glibberige stenen door de vocht. Boven komen we uit op een paardenwei. De paarden staan gelukkig wat verderop en zien Paddy niet. Ze blijven waar ze zijn. Ik ben een beetje bang van paarden. Hoera, we zijn de pikdraadjes over en lopen nu over een aangenaam pad op de crête (= kam). Hier kan je even kilometers maken. 

Het is iets omhoog en iets omlaag in de bossen tussen de bosbessen.

Heel mooi, heel aangenaam. Wel ver. In Markstein drinken we koffie in een leuke uitspanning met een glazen koepel. We nemen er een heerlijk stuk myrtille vlaai bij. Daar kunnen we wel weer een eindje op lopen. Het is jammer dat we wat beperkt uitzicht hebben vanwege de mist en de laaghangende wolken. Toch hebben we ook regelmatig even de zon.

In Le Haag drinken we een colaatje op de houten picknickbank buiten.
Daarna gaan we tussen de koeien door aan de laatste 200 m omhoog beginnen naar de Grand Ballon op 1424 m, het hoogste punt van de Vogezenroute. We komen boven bij een weerstation met koepel. Het zit erop. We hebben nog nèt geen bui. Wel hangen overal vette onweerswolken.

We dalen licht af naar Hotel du Grand Ballon, waar we om 17.00 uur aankomen. Het is een prima hotel. We krijgen een leuk zolderkamertje met dakkapel en badkamertje. Hond geen enkel bezwaar. Eerst lekker douchen en dan even in de leeskamer wat leuke boekjes lezen.
Koos vindt iets over de geschiedenis van de Elzas en ik heb een heel grappig boekje over tafelmanieren. 
Daarna hebben we een prima diner met uiteraard een pinot gris. Als we terug zijn op onze kamer, begint het overal om ons heen te onweren. Geeft niet. We liggen binnen en de koepel boven heeft vast wel een bliksemafleider. Paddy is bang van onweer, maar ligt weer op een matje naast ons bed. Lekker veilig bij de baas. Nu eerst maar slapen. Morgen moeten we 1100 m afdalen naar Thann.


Vrijdag, 8 september, 2006  Grand Ballon - Thann

Overal om ons heen is het potje peren. Er hangt een dikke mist. Als Koos vroeg de hond gaat uitlaten, kan hij nauwelijks zien waar hij loopt. Na het ontbijt beginnen we meteen met spoorzoeken. We kunnen het juiste pad niet vinden en het is ijskoud.

Zoek maar eens de markeringen in de dikke mist. Niets. Min of meer op de tast dalen we af. Om elf uur wordt het stralend weer. Het blijft wel koud en er staat nu een straffe wind. Wederom hebben we weer een magnifiek pad. We lopen veel door hellingbossen. Het is niet louter dalen, af en toe moeten we ook weer 200 m stijgen, bijv. naar Silberloch en Molkenrain, 1100 m. Valt dàt even tegen. Het is een lange, lange weg tot Thann. Hier nemen we de trein naar Cernay en om 16.30 uur lopen wij weer op de camping. Dat valt achteraf toch niet tegen. 

Ik ben wel erg moe. Morgen nemen we een rustdag en daar ben ik wel blij mee. Nu doen we nog even wat boodschappen met de auto bij Le Clerc en eten buiten in de laatste zonnestalen.

Vanavond slapen we weer riant in de caravan.


Zaterdag, 9 september, 2006 rustdag / verkasdag.

Onze Paddy is jarig. Hij is negen jaar vandaag. We hebben prachtig weer. Eerst gaan we nog even per auto over de Route des Crêtes naar de Grand Ballon. We willen kijken wat we gisteren niet konden zien in de mist. Een fraai uitzicht vanaf de Grand Ballon. Dat wilden we niet missen.
Als je de GR 5 doet, moet je hem ook in alle facetten zien en beleven, vinden wij. Daarna rijden we naar Vieux Thann. Dat valt tegen. Barr, Andlau, Châtenois en Ribeauvillé zijn vele malen mooier. We gaan terug naar de camping in Cernay en verkassen onze caravan naar de camping in Belfort, L'Etang des Forges. Deze *** camping is een stuk mooier dan die in Cernay.

's Middags gaan we te voet naar het Château/Citadelle en bekijken de prachtige leeuw van Bertholi. Hij is 11 m hoog en 22 m lang en hij staat daar sinds 1880. Onze “toutou” alsacien. Ons Fikkie dus. Zeer imposant. Ook bekijken we de oude stad en pikken een terrasje.

Belfort is lang een semi-zelfstandig gebied geweest en was het laatste arrondissement van Frankrijk, vandaar nummer 90. We zoeken het station en lopen dwars door de fraaie en heel mooie stad terug naar de camping.
Tegen 17.00 uur zijn we weer bij de caravan. Rustdag???



Zondag, 10 september, 2006. Toeristische dag

We gaan nog even sightseeën vandaag. We rijden naar het Peugeotmuseum in Socheaux. We zijn al 30 jaar verstokte Peugeotrijders en we zijn nu tòch in de buurt.
Het museum is in één woord schitterend. Niet alleen alle auto's van Peugeot, maar ook fietsen, bromfietsen, motorfietsen, zagen, landbouwwerktuigen, koffiemolens, naaimachines, pepermolens, en wapens zijn aanwezig. Peugeot heeft het allemaal gemaakt. Ook de aankleding is uniek. In Jugendstil.
Het oude fabriekje ook, met prachtige mosaïken en gietijzeren markthalconstructies, zoals van Les Halles in Parijs indertijd, of het station van Den Bosch. Er hangen hele mooie oude affiches en oude foto's van het straatbeeld in Parijs rond 1900. Er zijn videopresentaties en filmpjes. Een heel compleet museum en helemaal niet saai. Een echte aanrader.


Maandag, 11 september, 2006 Thann - bivak vóór Rouge Gazon

Als we opstaan is het nog stikke donker. Dat is het nadeel van lopen in september ten opzichte van mei of juni: het is laat licht en vroeg donker, dus je dag is aanzienlijk korter. Om 7.00 uur lopen we dwars door de stad naar het station.

Shit. Ze hebben een treinstaking. Onze trein van 8.10 uur wordt een stoptrein en vertrekt een kwartier te laat en komt pas om kwart over negen aan in Mulhouse.
Onze aansluiting naar Thann ging om 8.48 uur en de volgende gaat om 11.03 uur. Balen. Maar....... wat schetst onze verbazing: de trein naar Thann staat nog op ons te wachten!!!! Ze laten schoolkinderen in de trein een half uur wachten op een paar buitenlandse lopers, die de hele dag aan hun zelf hebben. Niet te geloven, het is echt waar. Wij zijn hier uiteraard zeer blij mee. Dat is nog eens service voor de toerist.!!! Wat boffen wij toch. Aardige Fransen.

Om 10.00 uur gaan we lopen. Bos, bos, bos, bos. Niets als bos en vals plat.
Je wordt er ziek van. Ergens dreigt nog een onweersbui, maar we krijgen hem niet, gelukkig. En maar omhoog lopen. Dat staat helemaal niet in het boekje, maar dit traject valt flink tegen. Normaliter ben ik gek op hellingbossen, maar ik kan nu geen hellingbos meer zien. Ik had me er zo op verheugd om vanavond te slapen in de Ferme-auberge van Rouge Gazon. We hebben er ooit met de kinderen koffie gedronken tijdens een dagtocht. Maar helaas, we kunnen Rouge Gazon niet halen.
Om 18.30 uur, als we na al die kleine bospaadjes van de hellingbossen eindelijk een plat stukje gras zien, nèt het bos uit, gaan we wildkamperen. Het begint al donker te worden en ik ben helemaal kapot. Is de GR 5 nog leuk??

We hebben nog een heel klein beetje water en delen dat met ons Paddy. Geen koffie toe, na het noodrantsoen. Geen water meer.


Dinsdag, 12 september, 2006 Rouge Gazon - Giromagny

We hadden vannacht een lekker stil plekje op een bergje op 1100 m hoogte. Er waren wel heel erg veel vliegen.

Om 8.15 uur lopen we weer. Zonder water. Ook de hond niet. Heel erg blij zijn we als we na een half uur lopen een bordje met “source” zien. Gelukkig. We kunnen drinken, onze flessen vullen en ons wassen. Wat een bof, anders hadden we toch wel een groot probleem gekregen.

We lopen nu over een mooie, smalle weg rondom Lac des Perches. Soms hebben we een moeilijke passage. Het meer ligt diep onder ons.
Verder lopen we door afwisselend bos, heide en weide. Omhoog en omlaag, heel aardig. Vervolgens krijgen we een hele steile klim naar de Ballon d'Alsace.
In het boekje staat dat dit hier heel erg lastig wordt als er nog sneeuw ligt. Daar kan ik me alles bij voorstellen. Om 12.00 uur zijn we al boven. We gaan op een bankje heerlijk in de zon picknicken en genieten van het uitzicht.
Boven ons zoeft een parapante (valschermspringer) van de helling af. Een fraaie sport, als je dat durft. Daarna gaan we naar beneden. Soms hebben we behoorlijk steile hellingen.

We lopen ook weer door heel veel bos. Om 16.45 uur komen we aan op de camping in Giromagny. “Le paradis des Loups”. Hij ligt midden in het dorp. Heel handig voor de boodschappen.

Ik ben best wel weer moe. Als we aan het koken zijn voor de tent, komt er een jonge Belg aanlopen. Hoe is het mogelijk dat wij met van die grote zakken op lopen en hij kan het niet? Kom maar terug met je rugzak nà het eten.
Hij heeft een goede rugzak, maar hij zit verkeerd op zijn rug. Wij beginnen de bandjes te stellen. Het zit al beter. We geven hem de nodige tips.
Niet meteen de Ballon d'Alsace op lopen en even vlot naar het Meer van Genève gaan. Oefenrondjes doen in de Ardennen en dan lopen in Luxemburg en het zo opbouwen. Ja, ja, hij begrijpt het, hij ziet in dat hij zo niet verder kan. Succes, jongen en vooral aan de GR 5 beginnen, maar wel doucement.


Woensdag, 13 september, 2006 Giromagny - Belfort

Vanaf Giromagny loop je zowat plat naar Evrette Salbert. Daar lopen we van de GR 5 af naar Valdoie en daarna gaan we met de bus naar de camping van Belfort. Om 13.00 uur komen we op de camping aan.
We houden rust. Ik heb mijn energie opgesoupeerd. Ik heb voortdurend een energiegebrek. Hier moet ik iets aan gaan doen voor de volgende etappe in de Jura. Zo gaat dat niet lukken.
Ons Padje is ook zo moe. De artrose speelt hem parten.


Donderdag, 14 september, 2006. Dagtocht
Evrette Salbert - Nommay

Het is zwaar bewolkt. We doen vandaag een dagetappe met lichte rugzak. Eerst nemen we vanaf de camping de bus terug naar Valdoie. Dan lopen we weer omhoog naar Evette Salbert. We hebben geen bijzonder uitzicht. Alles is soep. Het is echt heel erg nevelig. Met helder weer zouden we mooi naar Zwitserland kunnen kijken, maar dat zit er niet in.

Het Fort van Salbert is ook niet echt spannend. Even moeten we puzzelen, maar dan vinden we het pad weer. We lopen flink. Na het fort is het pad weer redelijk plat. In Brévilliers drinken we koffie.
's Middags rusten we wat vaker. Paddy heeft de pijp uit en is erg moe. Om 16.00 uur pakken we bus 5 in Nommay naar Montbéliard, en daarna de trein naar Belfort. We hebben een prima aansluiting op deze tijd.
Dat is boffen. Daarna moeten we nog drie kwartier door de stad naar de camping lopen. Onze arme Paddy kan niet meer. Wij zijn nog redelijk fit, want zonder zware rugzak is het lopen niet zo moeilijk.

Met het oog op de hond besluiten we te stoppen. We gaan nu niet meer aan de Jura beginnen. Het boekje van de Vogezen is uit. Volgend jaar gaan we verder, maar we moeten eerst goed uitvlooien hoe het hier zit met de bussen en de treinen.


Vrijdag, 15 september, 2006.

Het regent zachtjes. We rijden met de auto naar St. Hippolyte om te kijken hoe het openbaar vervoer hier werkt voor de volgende etappe.. Openbaar vervoer is hier heel moeilijk. Eenmaal 's morgens om 6 uur. Dus volgend jaar hier geen caravan parkeren. Dat wordt nog een puzzel. De Jura langs de Zwitserse grens is zowat geheel verstoken van het openbaar vervoer.

Het is hier nat. De wolken hangen tot op de grond. Terug bij de caravan bellen we Christel. Theo is gisteren overleden. Onze arme buurman.


`s Middags is het gelukkig droog. We gaan naar Ronchamp, naar de kapel van Le Corbusier. Hij ligt prachtig boven op een heuvel. Hij is al 60 jaar oud en toch zo hypermodern. Prachtig gebouwd als een enorme paddestoel en geen muur is er recht. Hij is net  zo groot als het Evoluon en zo bijzonder. Zowel van buiten als van binnen. Wat knap dat iemand zoiets kan bedenken en bouwen. Ik ben heel blij dat ik dit gezien heb.

Arme Theo, het blijft in je hoofd spoken.